donderdag 8 september 2011

Een beetje reclame

Uitnodiging Jubileumsymposium
20 jaar aandacht voor vrouwengeschiedenis - Kom naar de verjaardag van de SVVT!
De Stichting Vrouwengeschiedenis van de Vroegmoderne Tijd bestaat dit jaar twintig jaar en om dat te vieren verwelkomen wij u graag op ons feestelijke jubileumsymposium, dat 8 oktober plaats zal vinden in Amsterdam. Naar aanleiding van het jubileum zijn vijf spreeksters uitgenodigd wier lezingen een afspiegeling zullen zijn van de verscheidenheid aan onderwerpen die de afgelopen twintig jaar in onze bijeenkomsten aan bod zijn gekomen.
U bent van harte uitgenodigd om deze volledig verzorgde jubileumdag op 8 oktober aanstaande bij te wonen!
Programma:
10.30u.: Ontvangst met koffie/thee en inschrijving
11.00u.: Opening van het programma door voorzitter Netty van Megen
11.10u.: Eerste panel:
- Jeanne Holierhoek (zelfstandig vertaalster)
‘Een denkende Prinses: Elisabeth van de Palts’
- Lieke van Deinsen (Radboud Universiteit)
‘‘Vrede en Bondgenootschap, Twee dochtren van omhoog’: politiek, religie en emotionele aansporing in de baanbrekende pamfletten van Cornelia van der Veer (1639-1704)’
12.30u.: Uitgebreide, feestelijke lunch
13.30u.: Tweede panel:
- Kariin Sundsback (European University Institute, Florence)
‘Zelfstandig werkende vrouwen in de vroegmoderne tijd; een typisch Hollands fenomeen?’
- Annette de Wit (Marinemuseum Den Helder)
‘Zeemansvrouwen op de bres: Echtgenotes van zeevarenden en hun rol in kerk en samenleving (1600-1700)’
- Marjolein van Dekken (onafhankelijk onderzoeker)
‘Brouwen, branden en bedienen: Productie en verkoop van drank door vrouwen in de Noordelijke Nederlanden, circa 1500-1800’
16.00u.: Afsluiting
Kosten: Leden € 12,50, niet-leden € 15,00, studenten € 10,00
In de toegangsprijs inbegrepen zijn een luxe lunchbuffet, catering tijdens de lezingen en een jubileumboekje.
Wij verzoeken u vriendelijk vóór 15 september uw komst door te geven via e-mail (info.svvt@gmail.com) en het bedrag over te maken op Postbankrekening 40 52 235 t.n.v. Stichting Vrouwengeschiedenis van de Vroegmoderne Tijd, Elst; dit in verband met de catering.
Adres symposium:
Aristo Amsterdam Teleportboulevard 100 1043 EJ AMSTERDAM
020 - 686 08 86

dinsdag 6 september 2011

Goeie reis!



Op dit moment vliegt Marie NDiaye terug naar Berlijn. Haar kinderen verlaten geleidelijk het huis om elders te gaan studeren, terwijl hun moeder er nog altijd zo verbijsterend jong uitziet dat zijzelf in de collegebanken niet zou misstaan. Afgelopen zaterdag ontving ze op Manuscripta de Europese Literatuurprijs. Gisteravond was er een langere bijeenkomst in het Maison Descartes. Het levendige vraaggesprek met Margot Dijkgraaf werd afgewisseld met lange citaten uit haar werk, mooi voorgedragen door Florianne Gerwann.
Ik heb Marie NDiaye nog nooit zo ontspannen en open meegemaakt. Meestal wil ze niet veel commentaar geven op haar eigen werk, dat voor zichzelf zou moeten spreken, vindt ze. En daar heeft ze uiteraard gelijk in, maar toch is het altijd fijn om een auteur iets over haar werk en over de dingen daaromheen te horen zeggen.
Een selectie uit wat ik heb onthouden:
1. Ze schreef al als middelbare scholiere, niet alleen thuis maar soms ook onder de les, want dat leek haar dan belangrijker dan aantekeningen te maken over wat de docent vertelde. Het tekent haar gedrevenheid, al zal de docent het niet hebben gewaardeerd.
2. Nadat de eerste pagina’s van En famille waren voorgedragen, benadrukte ze vooral het
komische ervan. Margot Dijkgraaf kwam daar, mijns inziens terecht, tegen in het geweer: ` Je wilt toch niet suggereren dat je een komisch oeuvre hebt geschreven?’ Waarop de schrijfster toegaf dat haar verwijzing naar het komische misschien iets had van een uitvlucht. En ook ik ervaar de groteske scènes in bijvoorbeeld Drie sterke vrouwen vooral als een mogelijkheid om even op adem te komen, even afstand te nemen van de door NDiaye beschreven wereld, die vaak adembenemend wreed is.
3. Het gesprek kwam ook even op haar uitlatingen over Sarkozy en diens regering. Ze verontschuldigde zich op een uiterst sympathieke manier voor de felheid van de uitspraken van indertijd. `Alsof we uit Frankrijk gevlucht zijn voor een tiran, en dat is natuurlijk helemaal niet zo. We waren toch al van plan om te verhuizen.’ Ze ervoer het als pijnlijk om complimenten te krijgen voor haar `heldhaftig gedrag’: `voor ons is het helemaal niet moeilijk ons waar dan ook te vestigen, gewoon om weer wat nieuws te zien’. Dus die zaak is afgehandeld en opgeklaard.
4. In de afgelopen zomer las ze veel romans van Stephen King. En ze voelt enige affiniteit met de eerste romans van Régis Jauffret.    
Goeie reis Marie. Blijf schrijven! 

donderdag 1 september 2011

Worstelen met adjectieven



Uit boekbesprekingen komt soms naar voren dat recensenten een hekel hebben aan bijvoeglijk naamwoorden. Ik herlees in deze dagen Drie sterke vrouwen van Marie NDiaye, omdat er een herdruk van het boek komt en er altijd wel wat aan een vertaling te verbeteren valt. Maar NDiaye houdt juist wél van bijvoeglijk naamwoorden.
            Ik citeer tamelijk willekeurig: In de dagen daarna, roerloze, drukkende dagen, bleef de lucht grauw, maar wel was er een intens schijnsel, alsof de zee met haar schakeringen van fonkelend metaal een loden licht uitstraalde. En verder: En ze verbaasde zich niet meer over de ruwe, strijdlustige klank van haar eigen stem, die op een barse en geslachtsloze toon vragen stelde in de paar woorden Engels die ze in de eettent had opgepikt...
            In de vertaling heb ik hier en daar geprobeerd het aantal adjectieven enigszins terug te dringen. Zo’n hele reeks achter elkaar past beter in het Frans dan in het Nederlands, alleen al omdat de adjectieven zich in het Frans rondom het zelfstandig naamwoord groeperen en je ze in het Nederlands allemaal vóór het zelfstandig naamwoord moet proppen: une belle et grande maison verte – een mooi en groot, groen huis. Wat klinkt beter?
            Er zijn wel foefjes om het adjectief in het Nederlands te veranderen in een andere woordsoort. In plaats van gele, gebloemde, gekreukte jurk maak je er gele bloemetjesjurk vol kreukels van, bijvoorbeeld.
            Al herlezend raak ik opnieuw volledig in de ban van het boek. Er staat zo veel in, en alles past bij elkaar: de borende analyse van gedachten en gevoelens, de berichten uit een rauwe wereld van vluchtelingen en mensensmokkelaars, het groteske verslag van een mislukte keukeninrichting, de magische vogels...
            Marie NDiaye is a.s. zaterdagavond 3 september op Manuscripta, waar ze kort zal worden geïnterviewd door Philip Freriks. Maandagavond 5 september is ze in het Maison Descartes.  


zaterdag 20 augustus 2011

Taalbroodjes


Naar het Duits luister ik zonder professionele bijgedachten. Ik hoef er niet uit te vertalen, dat zou ik zelfs niet kunnen. De opmerkingen die ’s ochtends bij de bakker heen en weer gaan, dwars over de Kürbiskernbrötchen en Bienenstichen heen, krijgen er iets extra fascinerends door. Het lijkt wel of klanten en verkopend personeel elkaar voortdurend willen geruststellen: Hat’s geklappt? Ich weiss Bescheid. Eben! Kein Problem. Alles klar. Dit alles vrolijk en op heldere toon. Heerlijk om er geen Nederlandse equivalenten voor te hoeven vinden en voluit van het Duits te kunnen genieten. Is het mijn tobberige ziel die wil dat in al die montere uitwisselingen ook veel onzekerheid schuilt? Ik denk toch dat het echt zo is. Onzekerheid sprak in ieder geval ook uit een advertentie in de Niederrhein Nachrichten, de Stentor van de streek. Die advertentie was een huwelijksaanzoek, waarin een rijm was opgenomen: Ich liebe dich, so wie du bist -- Auch wenn das manchmal schwierig ist. Zouden die twee er wel verstandig aan doen om met elkaar te trouwen? Het kan alleen maar moeilijker worden, lijkt me.
Morgen maar weer eens gaan luisteren bij de bakker, die hier ook op zondag open is.  





zondag 14 augustus 2011

Moyland zoals het was en zoals het is


Een klein uur rijden van het vertalershuis in Straelen ligt Schloss Moyland. Ik was daar een paar dagen geleden; een vertaler kan niet permanent vertalen. Toch is er bijna altijd wel een dun draadje met het werk. In dit geval was dat het feit dat Voltaire in 1740 Schloss Moyland bezocht en daar voor het eerst Frederik de Grote ontmoette, de keurvorst van Pruisen. Het slot zag er toen minder bizar uit dan nu. Het is in de negentiende eeuw duchtig en met veel neogotische fantasie gerestaureerd, zie het plaatje hieronder. Na WO2 lag het grotendeels in puin. Ik vind het een gemiste kans dat het toen niet in de oorspronkelijke stijl is herbouwd.             
               We konden niet naar binnen, maar dat was niet erg. De tuin lag er weelderig bij, vol kruiden en bloemen, en de moderne sculpturen glansden in het zonlicht.

zaterdag 6 augustus 2011

Wilfred Oranje



Ik blader in De opstand der Nederlanden van Friedrich Schiller. Het is vertaald door Wilfred Oranje, die op 31 juli is overleden, in een enkele maand geveld door kanker. Hij vertaalde een ontzagwekkend aantal boeken, vooral uit het Duits, vooral klassieke teksten. En bovenal het verzameld werk van Freud.
            Het boek van Schiller is de enige vertaling van Wilfred Oranje die ik hier in Straelen heb kunnen vinden. De vertaler is erin te herkennen aan de gedragen stijl. Ik sla het boek open en citeer tamelijk willekeurig: `Twee zo tegengestelde karakters als Egmond en Alva konden nimmer vrienden zijn; doch een vroege naijver op het punt van krijgsroem had de hertog allang een stille vijandschap met Egmond ingeboezemd [...].’ Een persoonlijke manier van vertalen, die oudere woorden koestert en niet terugschrikt voor gecompliceerde zinsconstructies.
            Met name vanwege zijn Freud-vertaling is Wilfred Oranje een aantal jaren geleden geridderd. In 2007 mocht hij bovendien de vertaalprijs van het Letterenfonds in ontvangst nemen. De jury roemde toen de vertaling van Schiller waaruit ik zojuist citeerde: `Zonder de tekst te vereenvoudigen, te moderniseren of anderszins aan te passen is hij tot een verta­ling gekomen die je bijna niet weg kan leggen: prachtig Neder­lands, klassiek, maar niet hinderlijk ouderwets.’
            Hij werd maar 59 jaar. Wij vertalers zullen hem missen, maar dat is niets vergeleken bij de lege plek die hij in zijn familie achterlaat.       

maandag 1 augustus 2011

Roerloze reiziger



Ik ben voor de duur van een maand verhuisd naar Straelen, waar ik woon en werk in het Europäisches Übersetzer Kollegium. Mijn kamer is groot, de bibliotheek eromheen is enorm, het stadje oogt lief en keurig. Sinds twintig jaar kom ik hier geregeld. In het begin grasduinde ik ijverig in de naslagwerken, maar google en wikipedia hebben dat minder noodzakelijk gemaakt. Van belang is nu vooral dat een vertalershuis mensen samenbrengt, en het EÜK heeft dat goed begrepen. Afgelopen mei bijvoorbeeld werkte Günter Grass hier een week met een aantal vertalers die van plan waren Grimms Wörter  te gaan vertalen. Ik ben wel benieuwd wie van hen zich uiteindelijk waagt aan de vertaling van dit praktisch onvertaalbare boek. Ook duiken hier allerlei duo´s op: auteur en vertaler, mentor en aspirant-vertaler, twee vertalers die samen met één boek bezig zijn. Er worden cursussen gegeven aan studenten uit Düsseldorf, soms komen mensen van de Volkshochschule naar een lezing luisteren, middelbare scholieren proberen uit wat vertalen eigenlijk is.
            En ’s avonds aan de keukentafel voel ik mij een roerloze reiziger, een voyageur immobile, zoals Jean Giono zichzelf noemde. Vertalers uit alle windstreken vertellen verhalen over hun leven, over hun eigen literatuur, over de politieke situatie in hun land. In gedachten reis ik van Hongarije naar Denemarken, van Brazilië naar Rusland. De 110.000 boeken in de bibliotheek staan zwijgend maar welwillend te luisteren. Zij weten al veel meer dan ik. Ze worden misschien niet meer zo vaak uit de kast getrokken, maar het is wel de mooiste boekenverzameling die een vertaler zich wensen kan.